Rekenen

Tellen en hoeveelheden

14 onderwerpen, van eerste kennismaking tot beheersing. De groepen bij elk onderwerp zijn een richtlijn.

Je kind ontwikkelt belangrijke telvaardigheden: het leert dat getallen betekenis hebben, dat elk getal een specifieke hoeveelheid voorstelt, en begint groepjes voorwerpen te vergelijken om te zien welke groep er meer of minder heeft.

Je kind krijgt steeds meer vertrouwen in het tellen: het leert in sprongen van 3 tellen en voor- en achteruit tellen in tientallen, vanaf elk willekeurig startgetal.

Je kind telt met steeds meer vertrouwen met steeds grotere getallen. Het oefent met telpatronen in sprongen en telt tot 1000 met verschillende stapgroottes.

Je kind oefent met tellen in grotere sprongen en wordt steeds vaardiger met veelvouden van 6, 7, 9, 25 en 1000.