Rekenen › Tellen en hoeveelheden
groep 4richtlijnTellen tot 1000
Tellen tot 1000, inclusief tellen in sprongen van 5, 10 en 100
Je kind beheerst dit als het...
- Telt voorwaarts en achterwaarts tot 1000 vanaf een willekeurig startgetal
- Telt in sprongen van 5 vanaf een willekeurig veelvoud van 5 tot 1000
- Telt in sprongen van 100 vanaf een willekeurig getal (bijvoorbeeld 150, 250, 350)
Vraag eens aan je kind
Kan je kind vol vertrouwen doortellen tot 1000, en kan je kind, als je vraagt om vanaf 200 in honderdtallen te tellen of vanaf 650 in tientallen, dat doen zonder de tel kwijt te raken?
Eerst dit
- Tellen in sprongen van 2 Tellen tot 1000 in stappen van 5, 10 en 100 bouwt voort op het stapsgewijs tellen dat je kind in een eerder leerjaar heeft geleerd.
- Ronde honderdtallen Inzicht in veelvouden van 100 helpt bij het tellen in stappen van 100.
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.
Daarna verder met
- Negatieve getallen Terugtellen door nul heen bouwt voort op terugtellen tot 1000.