Problemen begrijpen
Doorgrondt een probleem door te bepalen wat er gevraagd wordt, kiest voorwerpen of tekeningen om de situatie voor te stellen, en legt uit hoe hij/zij de oplossing aanpakt
Je kind beheerst dit als het...
- Legt bij een verhaaltjessom tot en met 10 eerst uit wat er gevraagd wordt, voordat hij/zij begint met oplossen
- Kiest voorwerpen, vingers of tekeningen om een probleemsituatie voor te stellen
- Controleert na het vinden van een antwoord of dit klopt (bijvoorbeeld door voorwerpen opnieuw te tellen om een totaal te verifiëren)
Vraag eens aan je kind
Stopt je kind bij een rekenprobleem waarvan hij/zij niet meteen weet hoe het op te lossen, om eerst na te denken over wat er gevraagd wordt, bijvoorbeeld door een tekening te maken, voordat hij/zij begint?
Eerst dit
- Doorzetten als het moeilijk is Doorzetten bij rekenproblemen is een toepassing van de algemene vaardigheid om vol te houden, maar dan specifiek bij rekenen
- Hoeveel zijn het er in totaal? Om op 5- tot 6-jarige leeftijd vraagstukken te snappen, heeft je kind aantalbegrip nodig om 'hoeveel'-vragen te kunnen beantwoorden
- Je eigen werk controleren Controleren of een rekenuitkomst klopt, is een toepassing van de algemene vaardigheid om je eigen werk te controleren, maar dan specifiek bij rekenen
- Luisteren naar voorgelezen teksten Om redactiesommen te begrijpen, moet je kind eerst goed kunnen luisteren en begrijpen wat er wordt gezegd
- Optellen als samenvoegen Om optelsommen te begrijpen, moet je kind eerst snappen dat optellen betekent dat je dingen samenvoegt
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.
Daarna verder met
- Vraagstukken met meerdere stappen oplossen Probleemoplossen op 6 tot 7 jaar bouwt rechtstreeks voort op het aanvoelen van problemen dat je kind op 5 tot 6 jaar heeft geleerd.
- Groeimindset Het begrip groeimindset (sociaal-emotioneel leren) wordt concreet doordat je kind ervaart wat het is om door te zetten bij lastige rekenopgaven. Zo wordt het abstracte principe tastbaar gemaakt door rekenen.