Sociaal-emotionele ontwikkeling › Empathie en sociaal bewustzijn
groep 4 t/m 7richtlijnWoordenschat: sociaal bewustzijn
De woordenschat van sociaal bewustzijn kennen en gebruiken, zoals stereotype, vooroordeel, discriminatie, gelijkheid, gelijkwaardigheid, vooringenomenheid, mededogen en eerlijkheid, en begrijpen wat deze nauw verwante begrippen van elkaar onderscheidt.
Je kind beheerst dit als het...
- Legt uit wat 'stereotype' en 'vooroordeel' betekenen en geeft van allebei een voorbeeld uit het dagelijks leven
- Gebruikt woorden als 'gelijkheid', 'gelijkwaardigheid' en 'vooringenomenheid' op de juiste manier bij het bespreken van een situatie, bijvoorbeeld: 'Dat is niet gelijkwaardig, want niet iedereen kreeg wat hij nodig had'
- Herkent een voorbeeld van discriminatie in een verhaal of nieuwsbericht en legt met de juiste woorden uit waarom het oneerlijk is
Vraag eens aan je kind
Als je kind een klasgenoot iets hoort zeggen waarbij alle mensen met een bepaalde achtergrond op één hoop worden gegooid, kan hij of zij dan uitleggen waarom dat een stereotype is en hoe dat verschilt van een feit over één persoon?
Daarna verder met
- Eerlijkheid, gelijkheid en gelijkwaardigheid Het verschil tussen eerlijkheid, gelijkheid en gelijkwaardigheid begrijpen vereist dat je kind deze drie begrippen los van elkaar kent.
- Stereotypen en individuele verschillen Om stereotypering te begrijpen, moet je kind eerst het verschil kennen tussen de begrippen 'stereotype', 'vooroordeel', 'discriminatie' en 'vooringenomenheid'.
- Vooroordeel en discriminatie Om goed te kunnen praten over vooroordelen en discriminatie, heeft je kind de juiste woorden nodig om het verschil te herkennen tussen persoonlijke vooroordelen en structurele discriminatie.
- Andere levens en ervaringen Om diverse levens te begrijpen, heeft je kind woorden nodig voor mededogen, eerlijkheid en gemeenschap
- Je verplaatsen in een ander Het oefenen met perspectief nemen wordt versterkt door precieze woorden zoals 'perspectief', 'vooroordeel' en 'mededogen'.