Stambreuken delen
Een stambreuk delen door een heel getal (niet nul) begrijpen en berekenen (bijvoorbeeld 1/3 : 4 = 1/12); met een visueel model en het verband tussen vermenigvuldigen en delen de uitkomst uitleggen
Je kind beheerst dit als het...
- Berekent 1/3 : 4 = 1/12 en legt dit uit met een visueel model waarin 1/3 in 4 gelijke delen wordt verdeeld
- Bedenkt een verhaaltje bij 1/6 : 3 en lost dit op
- Controleert 1/3 : 4 = 1/12 door te laten zien dat 1/12 × 4 = 1/3
Vraag eens aan je kind
Als je kind 1/3 zak rijst heeft en die verdeelt in 4 gelijke porties, lukt het om uit te rekenen welk deel van de hele zak elke portie is, en uit te leggen waarom het antwoord kleiner is dan 1/3?
Eerst dit
- Breuken van een geheel (10+) Als je kind snapt dat een breuk ook een deling is, helpt dat om 1/3 ÷ 4 te kunnen uitrekenen.
- Breuken vermenigvuldigen (10+) Een breuk delen door een heel getal gebruikt het omgekeerde van vermenigvuldigen met breuken.
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.
Daarna verder met
- Breuken delen Een breuk delen door een breuk bouwt voort op het eerder geleerde delen van een stambreuk door een heel getal
- Gemengde en onechte breuken Rekenen met de vier bewerkingen en alle soorten getallen bouwt voort op het delen van stambreuken (breuken met een teller van 1).
- Stambreuken en hele getallen delen Voor deze redactiesommen moet je kind een stambreuk kunnen delen door een geheel getal.
- Delen door breuken Begrijpen hoe je een stambreuk deelt door een heel getal helpt je kind het verschil te zien met een heel getal delen door een stambreuk.