TaalWoordenschat

groep 8 en verderrichtlijn

Geavanceerd figuurlijk taalgebruik

Begrijpt en interpreteert figuurlijk taalgebruik, woordrelaties en nuances in woordbetekenis, waaronder toespelingen, ironie, woordspelingen, oxymorons en uitgebreide metaforen, en maakt onderscheid tussen gevoelswaarde en letterlijke betekenis bij het analyseren of kiezen van woorden.

Je kind beheerst dit als het...

Vraag eens aan je kind

Als je kind een gedicht of roman leest waarin de schrijver ironie, een woordspeling of een onverwachte vergelijking gebruikt, kan je kind dan uitleggen welk effect dit heeft en waarom de schrijver voor die woorden koos?

Eerst dit

Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.