Breuken vermenigvuldigen
Begrijp a/b als een veelvoud van 1/b; vermenigvuldig echte breuken en gemengde getallen met hele getallen, ondersteund door visuele modellen (bijvoorbeeld 3 × 2/5 = 6/5 = 1 1/5).
Je kind beheerst dit als het...
- Kan 4 × 3/8 berekenen door herhaald optellen of met de regel n × a/b = (n×a)/b
- Kan 2 1/3 × 3 vermenigvuldigen en de uitkomst als gemengd getal opschrijven
- Kan met een visueel model laten zien waarom 5 × 1/4 = 5/4
Vraag eens aan je kind
Als voor een recept 2/3 kop boter nodig is en je kind wil de hoeveelheid verdrievoudigen, kan je kind dan uitrekenen hoeveel boter er in totaal nodig is?
Eerst dit
- Breuken begrijpen (vanaf 9 jaar) Begrijpen dat a/b een optelsom van 1/b is, is een voorwaarde om te snappen dat a/b een veelvoud van 1/b is.
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.
Daarna verder met
- Breuken van een geheel (10+) Begrijpen dat een breuk ook een deling is, bouwt voort op het vermenigvuldigen van een breuk met een heel getal (omgekeerde redenering)
- Breuken van een geheel (vanaf 9 jaar) Je kind moet een breuk met een heel getal kunnen vermenigvuldigen voordat het hiermee vraagstukken kan oplossen
- Breuken vermenigvuldigen (10+) Breuk keer breuk is een volgende stap na breuk keer heel getal, dat je kind al eerder heeft geleerd.