Breuken vergelijken (8+)
Vergelijkt twee breuken met dezelfde teller of dezelfde noemer door na te denken over hun grootte; noteert vergelijkingen met de tekens >, = of <
Je kind beheerst dit als het...
- Kan 3/8 en 3/4 vergelijken: zelfde teller, maar een grotere noemer betekent kleinere stukken, dus 3/8 < 3/4
- Kan 5/6 en 2/6 vergelijken: zelfde noemer, dus 5/6 > 2/6
- Kan een vergelijking onderbouwen met een tekening en uitleggen waarom beide breuken over hetzelfde geheel moeten gaan
Vraag eens aan je kind
Als je kind 3/5 en 3/8 ziet, kan die dan zeggen welke groter is door alleen na te denken over de grootte van de stukken, zonder het te hoeven tekenen?
Eerst dit
- Breuken van een geheel Je kind moet begrijpen hoe de grootte van een breuk met teller 1 werkt, voordat het breuken met dezelfde teller kan vergelijken.
- Breuken vergelijken Ervaring met het vergelijken van breuken met dezelfde noemer is nodig voordat je kind breuken met dezelfde teller kan vergelijken.
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.
Daarna verder met
- Breuken vergelijken (vanaf 9 jaar) Breuken met dezelfde teller of noemer vergelijken is een eerste stap voordat je kind breuken met verschillende noemers kan vergelijken.
- Rekenredeneringen onderbouwen (vanaf 8 jaar) Om breuken te vergelijken, moet je kind kunnen uitleggen welke breuk groter of kleiner is en waarom.