EngelsEngelse grammatica en interpunctie

groep 6richtlijn

Betrekkelijke bijzinnen

Betrekkelijke bijzinnen vormen en gebruiken die beginnen met de betrekkelijke voornaamwoorden who, whose, whom, which en that, of de betrekkelijke bijwoorden where, when en why, om iets toe te voegen, een zelfstandig naamwoord te verduidelijken en langere zinnen te maken

Je kind beheerst dit als het...

Vraag eens aan je kind

Bouwt je kind dat in dezelfde zin in met een betrekkelijke bijzin, bijvoorbeeld door te schrijven over een vriend 'who loves football' of een plek 'where we always go on holiday', wanneer hij of zij iets wil vertellen over een zelfstandig naamwoord?

Eerst dit

Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.

Daarna verder met