Engels › Engelse grammatica en interpunctie
groep 2 t/m 4richtlijnZinnen beginnen en afsluiten
Begin zinnen met een hoofdletter en eindig ze met het juiste leesteken (punt, vraagteken of uitroepteken); herken en benoem leestekens aan het einde van een zin
Je kind beheerst dit als het...
- Schrijft zinnen die beginnen met een hoofdletter
- Kiest en gebruikt het juiste leesteken aan het einde van mededelende zinnen, vragen en uitroepen
- Herkent en benoemt punten, vraagtekens en uitroeptekens tijdens het lezen
Vraag eens aan je kind
Wanneer je kind een zin schrijft zoals "de kat zat op de mat", houdt hij of zij dan vanzelf rekening met een hoofdletter aan het begin en een punt aan het einde, zonder dat jij eraan hoeft te herinneren?
Eerst dit
- Zinnen bouwen Je kind moet weten wat een zin is voordat het leert er leestekens in te gebruiken.
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.
Daarna verder met
- Aanhalingstekens bij directe rede Om directe rede goed te kunnen punctueren, moet je kind eerst zinnen goed leren interpuncteren.
- Komma's in opsommingen Je kind moet basisleestekens kennen voordat het het gebruik van de komma leert
- Spellen uit dictee Dictee vereist kennis van leestekens
- Vier soorten zinnen Je kind moet eerst de basisleestekens van een zin kennen voordat het die per zinstype kan variëren.
- Apostroffen: samentrekking en bezit Basiskennis van leestekens ondersteunt het gebruik van de apostrof in het Engels.
- Grammatica-woorden: letter, woord, zin Leestekens horen bij de grammaticale terminologie.
- Herzien en nakijken Kennis van leestekens is nodig om fouten te herkennen
- Hoofdletters voor namen, dagen en 'I' Hoofdletters gebruiken is een vaardigheid die nauw samenhangt met leestekens.