Natuur en techniek › Krachten en beweging
groep 4richtlijnWrijving en oppervlakken
Vergelijken hoe voorwerpen bewegen op verschillende oppervlakken, en merken dat sommige oppervlakken meer wrijving veroorzaken dan andere
Je kind beheerst dit als het...
- Observeert en vergelijkt hoe hetzelfde voorwerp beweegt op minstens drie verschillende oppervlakken
- Beschrijft dat ruwe oppervlakken voorwerpen sterker afremmen dan gladde oppervlakken
- Gebruikt het woord 'wrijving' om uit te leggen waarom beweging verschilt per oppervlak
Vraag eens aan je kind
Kan je kind uitleggen waarom een speelgoedautootje verder rolt op een gladde houten vloer dan op vloerbedekking?
Eerst dit
- Duwen en trekken Je kind moet eerst begrijpen dat krachten beweging veranderen, voordat het beweging op verschillende oppervlakken kan vergelijken.
- Woordenschat over krachten Om te vergelijken hoe dingen bewegen op verschillende oppervlakken, heeft je kind woorden voor wrijving nodig.
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.
Daarna verder met
- Contactkrachten en krachten op afstand Je kind moet eerst contactkrachten zoals wrijving ervaren, voordat het het verschil kan zien tussen contactkrachten en krachten op afstand
- Krachten in evenwicht en uit evenwicht Voordat je kind onderzoekt wat krachten in balans en uit balans zijn, moet het eerst weten dat wrijving invloed heeft op beweging.
- Luchtweerstand & wrijving Je kind moet eerst wrijving begrijpen door oppervlakken te vergelijken, voordat het leert dat luchtweerstand en waterweerstand vergelijkbare krachten zijn.