Rekenen › Optellen en aftrekken
groep 3richtlijnVlot optellen en aftrekken
Optel- en aftreksommen tot 20 vlot uit het hoofd kennen en toepassen, en verwante sommen tot 100 afleiden en gebruiken
Je kind beheerst dit als het...
- Kent 7 + 8 = 15 en 15 − 8 = 7 direct uit het hoofd
- Gebruikt 6 + 4 = 10 om 60 + 40 = 100 af te leiden
- Leidt 35 + 5 = 40 af uit de kennis dat 5 + 5 = 10
Vraag eens aan je kind
Kent je kind sommen als '9 + 7 = 16' en '16 − 7 = 9' direct uit het hoofd, en gebruikt je kind dat om grotere sommen zoals '90 + 70' uit te rekenen?
Eerst dit
- Optellen en aftrekken tot 20 Sommen tot 20 vlot uit het hoofd kennen bouwt voort op strategisch rekenen binnen 20.
- De twee cijfers van een tweecijferig getal Sommen tot 100 afleiden gaat beter als je kind eerst plaatswaarde begrijpt.
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.