EngelsEngelse grammatica en interpunctie

groep 4richtlijn

Tijd, plaats en oorzaak uitdrukken

Gebruikt voegwoorden (toen, wanneer, voordat, nadat, terwijl, dus, omdat), bijwoorden (dan, daarna, straks, daarom) en voorzetsels (voor, na, tijdens, in, vanwege) om tijd, plaats en oorzaak binnen en tussen zinnen uit te drukken

Je kind beheerst dit als het...

Vraag eens aan je kind

Gebruikt je kind bij het schrijven van een verhaal tijdwoorden zoals 'nadat', 'terwijl' of 'straks' om de volgorde van gebeurtenissen te laten zien, in plaats van elke zin te beginnen met 'toen'?

Eerst dit

Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.

Daarna verder met