Digitale geletterdheid › Kunstmatige intelligentie
groep 2 t/m 3richtlijnRobots in het echte leven
Wat een robot nu eigenlijk is, niet de versie uit sciencefictionfilms: robots in fabrieken, robotstofzuigers, robotarmen bij operaties, en dat robots instructies volgen die mensen hebben gegeven
Je kind beheerst dit als het...
- Kan beschrijven wat een robot is (een machine die instructies volgt om een taak uit te voeren)
- Kan minstens drie echte robots noemen en wat ze doen
- Kan uitleggen dat robots niet leven en geen gevoelens hebben: ze volgen instructies die mensen hebben geschreven
Vraag eens aan je kind
Als je kind een robotstofzuiger zou zien, zou hij of zij dan kunnen uitleggen hoe die verschilt van een persoon die schoonmaakt: dat de robot instructies volgt in plaats van zelf na te denken?
Eerst dit
- Computers in het dagelijks leven Je kind moet eerst weten wat computers zijn voordat het robots kan begrijpen als programmeerbare machines.
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.
Daarna verder met
- Mens versus machine Kennis over robots geeft je kind een concreet vergelijkingspunt bij het nadenken over mens versus machine.