Natuur en techniek › Golven, licht en geluid
groep 3richtlijnDoorzichtig, halfdoorzichtig & ondoorzichtig
Onderzoeken wat er gebeurt als je voorwerpen van verschillende materialen in de weg van een lichtstraal zet, en zo ontdekken welke materialen doorzichtig, halfdoorzichtig of ondoorzichtig zijn
Je kind beheerst dit als het...
- Minstens zes materialen testen en indelen als doorzichtig, halfdoorzichtig of ondoorzichtig
- Uitleggen wat doorzichtig (licht gaat er helder doorheen), halfdoorzichtig (er gaat wat licht doorheen, vaag) en ondoorzichtig (er gaat geen licht doorheen) betekenen
- Voorspellen of licht door een bepaald materiaal heen zal gaan, op basis van hoe het eruitziet
Vraag eens aan je kind
Kan je kind met een zaklamp verschillende materialen testen en ze indelen in materialen waar licht doorheen gaat, materialen die licht tegenhouden en materialen daartussenin?
Eerst dit
- Licht & zien in het donker Je kind moet eerst begrijpen dat lichtbronnen voorwerpen verlichten, voordat het kan onderzoeken hoe materialen op licht reageren.
- Woordenschat over licht & geluid Om doorzichtige, halfdoorzichtige en ondoorzichtige materialen te onderzoeken, moet je kind deze drie begrippen kennen.
- Eigenschappen van materialen beschrijven Kennis van materiaaleigenschappen zoals doorzichtig en ondoorzichtig helpt je kind bij het onderzoeken van licht.
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.
Daarna verder met
- Hoe schaduwen ontstaan Je kind moet begrijpen dat ondoorzichtige materialen licht tegenhouden voordat het snapt hoe schaduwen ontstaan.