Tijdsduur vergelijken
Vergelijkende woorden voor tijd gebruiken: sneller, langzamer, eerder, later
Je kind beheerst dit als het...
- Twee gebeurtenissen vergelijken en zeggen welke sneller of langzamer ging
- 'Eerder' en 'later' correct gebruiken om dagelijkse gebeurtenissen te beschrijven
- Praktische vraagstukken oplossen zoals 'Wie was er het eerst klaar?'
Vraag eens aan je kind
Als je kind eerder klaar is met eten dan een broertje of zusje, kan je kind dan vertellen wie het eerst klaar was, en wie sneller was?
Daarna verder met
- Tijd meten tot op de minuut Om tijd in eenheden te meten, moet je kind eerst taal voor het vergelijken van tijd begrijpen.
- Tijdsduren op volgorde zetten Het vergelijken en op volgorde zetten van tijdsintervallen bouwt voort op de vergelijkende tijdsbegrippen uit groep 2.