Natuur en techniek › Het menselijk lichaam
groep 6 t/m 7richtlijnHet zenuwstelsel
Begrijp dat het zenuwstelsel uit twee delen bestaat: het centrale zenuwstelsel (hersenen en ruggenmerg) en zenuwen die zich door het hele lichaam vertakken, en dat zenuwsignalen razendsnel reizen om zintuigen, denken en beweging op elkaar af te stemmen
Je kind beheerst dit als het...
- Noemt de twee delen van het zenuwstelsel: het centrale deel (hersenen en ruggenmerg) en het perifere deel (zenuwen door het hele lichaam)
- Beschrijft de reflexboog: prikkel → gevoelszenuw → ruggenmerg/hersenen → bewegingszenuw → spierreactie
- Geeft aan dat zenuwsignalen razendsnel reizen, waardoor reflexen bijna ogenblikkelijk plaatsvinden
Vraag eens aan je kind
Kan je kind uitleggen hoe een signaal van een vinger naar de hersenen reist wanneer die iets heets aanraakt, en daarna weer terug naar de hand zodat die wordt weggetrokken?
Eerst dit
- De hersenen besturen het lichaam Deze verdieping over het zenuwstelsel bouwt voort op de kennis dat de hersenen het controlecentrum van het lichaam zijn
- Hoe het oog werkt Het begrijpen van het centrale en perifere zenuwstelsel bouwt voort op de kennis dat het oog signalen via de oogzenuw doorstuurt
- Zintuigen, hersenen en reacties Deze verdieping over het zenuwstelsel sluit aan bij het onderwerp zintuigen, hersenen en reacties uit het curriculum (VS, leerjaar 4)
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.
Daarna verder met
- Neuronen en hersenstructuur Om iets te begrijpen van synapsen en hoe zenuwcellen signalen doorgeven, moet je kind eerst de basis van het zenuwstelsel kennen.