Natuur en techniek › Het menselijk lichaam
groep 6 t/m 7richtlijnHet hart en de bloedsomloop
De bloedsomloop uitgebreid beschrijven: het hart heeft vier holtes (twee boezems en twee kamers) die het bloed in een dubbele kringloop rondpompen: één keer naar de longen voor zuurstof en één keer naar de rest van het lichaam om die zuurstof af te leveren, via slagaders, aders en piepkleine haarvaten
Je kind beheerst dit als het...
- De vier hartkamers benoemen en de dubbele kringloop beschrijven (hart → longen → hart → lichaam)
- Onderscheid maken tussen slagaders (voeren bloed van het hart weg), aders (voeren bloed terug naar het hart) en haarvaten (piepkleine vaatjes waar de uitwisseling plaatsvindt)
- De onderdelen van bloed benoemen: rode bloedcellen (vervoeren zuurstof), witte bloedcellen (bestrijden infecties), bloedplaatjes (helpen bij het stollen), plasma (de vloeistof)
Vraag eens aan je kind
Kan je kind de weg van het bloed door het hart en het lichaam volgen, en uitleggen dat het bloed eerst naar de longen gaat voor zuurstof en daarna naar de rest van het lichaam?
Eerst dit
- Cellen, weefsels en organen Om te begrijpen dat het hart vier kamers heeft, moet je kind eerst weten dat organen samenwerken in orgaanstelsels
- Het hart en bloed Meer gedetailleerde kennis van het bloedsomloopstelsel bouwt voort op het besef dat het hart bloed door de bloedvaten pompt
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.
Daarna verder met
- Bloedsomloop en ademhaling samen Om te begrijpen hoe lichaamssystemen samenwerken, moet je kind eerst het bloedsomloopstelsel goed kennen.
- Het bloedsomloopstelsel Verdiepende kennis over het hart met vier kamers en de dubbele bloedsomloop ondersteunt het leren over de bloedsomloop binnen de reguliere lesstof.