Natuur en techniekOrganismen en levensprocessen

groep 5 t/m 6richtlijn

Woorden over overerving

Woorden gebruiken die te maken hebben met variatie en overerving, zoals overgeërfde eigenschap, aangeleerde eigenschap, variatie, nakomeling, kenmerk, soort, ras, genetisch en omgeving, en deze toepassen bij het vergelijken van organismen en het uitleggen van overeenkomsten en verschillen binnen en tussen soorten

Je kind beheerst dit als het...

Vraag eens aan je kind

Kan je kind uitleggen waarom kinderen op hun ouders lijken maar niet precies hetzelfde zijn, met woorden als 'overgeërfd' of 'variatie'?

Daarna verder met