Natuur en techniek › Krachten en beweging
12+, na de basisschoolrichtlijnVervorming & vloeistofdruk
Uitleggen welke krachten optreden bij het vervormen van voorwerpen (elastische en plastische vervorming), thermische uitzetting en krimp van materialen, en hoe vloeistofdruk in alle richtingen werkt en toeneemt met de diepte
Je kind beheerst dit als het...
- Maakt onderscheid tussen elastische vervorming (veert terug naar de oorspronkelijke vorm) en plastische vervorming (blijvend veranderd)
- Legt uit waarom bruggen en spoorrails uitzettingsvoegen hebben
- Legt uit waarom de druk in een vloeistof toeneemt met de diepte (bijvoorbeeld waarom diepzeeduikers een drukpak nodig hebben)
- Geeft een voorbeeld uit het dagelijks leven waarbij thermische uitzetting een probleem veroorzaakt of juist nuttig wordt gebruikt
Vraag eens aan je kind
Als je kind merkt dat het deksel van een pot erg vastzit, kan hij of zij dan uitleggen waarom het onder heet water houden helpt, en wat er met het metaal gebeurt als het opwarmt?
Eerst dit
- Resulterende krachten Vervorming en druk in vloeistoffen gaan over krachten die op voorwerpen inwerken: het idee van kracht als vector geeft hiervoor de basis
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.