Rekenen › Getalbegrip en plaatswaarde
groep 5richtlijnRomeinse cijfers tot 100
Romeinse cijfers tot 100 lezen (I tot en met C) en begrijpen dat het cijfersysteem in de loop van de tijd veranderde, met de komst van nul en plaatswaarde
Je kind beheerst dit als het...
- Leest en schrijft de Romeinse cijfers I, V, X, L, C en combinaties daarvan tot 100
- Zet Romeinse cijfers om naar gewone cijfers en andersom (bijvoorbeeld XLIV = 44)
- Legt uit dat Romeinse cijfers geen nul kennen en geen plaatswaardesysteem hebben
Vraag eens aan je kind
Kan je kind Romeinse cijfers lezen zoals XIV (14) of XLII (42), en weet je kind ook waarom we voor de meeste dingen zijn gestopt met Romeinse cijfers zodra nul en plaatswaarde waren uitgevonden?
Eerst dit
- Plaatswaarde van elk cijfer Begrijpen waarom plaatswaarde belangrijk is, wordt duidelijker door het te vergelijken met het Romeinse cijfersysteem.
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.
Daarna verder met
- Romeinse cijfers tot 1000 Romeinse cijfers tot 100 moet je kind eerst beheersen voordat het verdergaat tot 1000.