Rekenen › Getalbegrip en plaatswaarde
groep 4richtlijnEven of oneven
Bepalen of een groep voorwerpen (tot 20) een even of oneven aantal heeft
Je kind beheerst dit als het...
- Verdeelt voorwerpen in tweetallen en bepaalt of er eentje overblijft (oneven) of niet (even)
- Telt een groep in sprongen van 2 om te bepalen of het totaal even is
- Schrijft een even getal als de som van twee gelijke getallen (bijvoorbeeld 8 = 4 + 4)
Vraag eens aan je kind
Kan je kind, bij een groep van 14 voorwerpen, vertellen of dat aantal even of oneven is, bijvoorbeeld door ze in tweetallen te verdelen en te kijken of er eentje overblijft?
Eerst dit
- Tellen in sprongen van 2 Even en oneven getallen herkennen vereist dat je kind kan tellen in sprongen van 2.
- Optellen als samenvoegen Even getallen schrijven als de som van twee gelijke getallen bouwt voort op het begrip van optellen.
Gevulde stip: nodig. Open stip: handig, maar niet verplicht.